zondag 23 mei 2010

Bicycle Diaries Day 68: Manapouri - Tuatapere

Het is exact 80km van Manapouri tot Tuatapere. Vandaag wil ik de conditie eens testen en kijken hoe snel ik die 80km kan afleggen. Het aantal klimmetjes is beperkt en er is maar één zware klim onderweg waar een hoogteverschil van 200m moet overwonnen worden. De benen voelen redelijk goed en ik leg de eerste 66km af zonder te stoppen (tenzij dan om snel een foto te trekken). Ik leg deze afstand ad in 2u50min. Ik verras mezelf want nu ik geen fietscomputer meer heb, heb ik er geen flauw benul van waar ik al ben of hoe snel ik rijd. Ik had wel het gevoel dat ik goed vooruit ging want ik rijd constant op een redelijk zware versnelling en draai deze soepel rond. Ook al voelen de spieren soms even verzuurd, toch kan ik blijven gaan. Ik word precies niet moe. Conditie tiptop dus :-)


Zicht vanop de enige zware klim van de dag

Na 66km stop ik even aan de Clifden Bridge, de oudste hangbrug van Nieuw-Zeeland en ideaal voor de lunch. De laatste 14km leg ik daarna zo mogelijk nog sneller af: in een half uurtje. Nice! Ik heb nog energie over, maar toch stop ik want de volgende stopplaats is nog 50km en ik wil me nu ook niet overdoen. Morgen doe ik de 100km lange tocht naar Invercargill, en dat is ook al de moeite.



De Clifden Bridge, oudste hangbrug van NZ, met en zonder mijn hoofd...

De backpackers in Tuatapere is heel rustig, en het stadje op zich is zo mogelijk nog rustiger. De helft van de gebouwen staan te koop, het is alsof iedereen er is weggelopen. Een creepy gevoel. Het doet me denken aan een aflevering van 'The A-team' wanneer ik het stadje binnenrijd, alsof er iemand alle macht heeft en de mensen onderdrukt zodat deze niet meer durven buiten te komen, zeker niet als er een vreemdeling door de straten rijdt. Maar dat is mijn fantasie, en ik ben niet Hannibal of B.A., alhoewel ik misschien wel een beetje voldoe aan de kwaliteiten van Murdock :-)


Een muurschildering in Tuatapere


Alweer een gezapig avondje alleen op een kamer van 6. Wat is het hier toch stil deze tijd van het jaar. Een beetje te stil...

Tijd voor nog eens wat roadmusic. De laatste dagen fiets ik heel vlotjes en dit op de tonen van DJ AM ft. Travis Barker, Vampire Weekend en Talking Heads, muziek die me veel energie geeft en vooruitstuwt. Ik kies hier voor een van de vele pareltjes van Talking Heads, die tijdloze muziek gemaakt hebben! Ik vond het nummer nergens online en heb dan maar zelf een videoke ervan geupload, maar kwaliteit is iets beperkter daardoor, maar zelfs zo blijft het een goed nummer!

donderdag 20 mei 2010

No Sound in Doubtful!

In het zuidwesten van Nieuw-Zeeland ligt Fiordland. En die naam is terecht want het ontoegankelijke stuk ruwe natuur bestaat uit een groot aantal fjorden. Maar als je de namen bekijkt valt er al snel iets op: Doubtful Sound, Milford Sound, Dusky Sound,... Alle fjorden hebben de benaming sound gekregen, hetgeen eigenlijk een fout is. Een sound is namelijk een inham en geen fjord. Een fjord is immers uitgesleten door een gletsjer waardoor de bergwanden veel steiler zijn dan bij een sound. En dat is in Fiordland het geval. Er is indertijd bij de benaming een fout gemaakt, eigenlijk zou men moeten spreken van Doubtful Fiord en Milford Fiord. De benamingen met sound werden echter behouden, ook al hoor je er geen sound, het is er ijzig stil. Maar de les van dit bericht is: Doubtful Sound is geen sound!

Tot slot ook nog een klein verhaaltje over de afkomst van de naam van deze Fjord. Toen de ontdekkingsreiziger James Cook (broer van de alomgekende Thomas) deze fjord ontdekte twijfelde hij sterk of hij, eens hij zou zijn binnengevaren, nog buiten zou kunnen raken tegen de dominante westenwinden in. Hij is uiteindelijk niet diep in de fjord gegaan, om er enkele jaren later weer te keren en toch in te varen. Vandaar de naam Doubtful.

Het vreemde is nu dat Fiordland uit sounds bestaat. Het kon dus ook nog Soundland genoemd worden, of The Sounds! (oh ja, en de overnachtcruise duurt exact 24 uur, wow :-) )

Bicycle Diaries Day 66-67: Overnightcruise Doubtful Sound

Van de vele fjorden in Fiordland zijn er slechts twee toegankelijk: Milford Sound en Doubtful Sound. De meeste toeristen doen enkel Milford Sound aangezien deze met de auto bereikbaar is. Een bezoek aan Doubtful Sound is heel wat omslachtiger. Eerst steek je met een boot Lake Manapouri over (een dik half uur), waarna je met een bus over een 40km lange grindbaan door de bergen over de Wilmot Pass rijdt. En dan kom je eindelijk aan het diepste punt van Doubtful Sound. Begrijpelijk dus dat Doubtful Sound ver van de bewoonde wereld ligt en je daar in de ongerepte natuur zit. De enige manier om deze te bezoeken is via een bootcruise, hetzij een dagcruise, hetzij een overnachtcruise. Als je iets van de fjord wil zien en de sfeer opnuiven kies je toch best de overnachtcruise, want de tocht heen en terug naar het startpunt van de cruise neemt al 3 uur in beslag. Op een dagcruise schiet er dan niet veel tijd meer over en krijg je maar een vluchtig beeld van de imposante en omvangrijke fjord.


Bij het vertrek in Manapouri valt het me op dat ze ook daar wateroverlast hebben gehad. Op het eerste zicht leek alles normaal, maar als je goed naar deze foto kijkt zie je dat het water hoger staat dan normaal




Zichten vanop de boot over Lake Manapouri, de eerste stage van de tocht naar Doubtful Sound en op zich al de moeite

De cruise vertrekt om 12u in Manapouri en de boottocht over Lake Manapouri samen de busreis over de Wilmot Pass zijn op zich al de moeite. Aan de overzijde van Lake Manapouri ligt een waterkrachtcentrale. Deze is een heus huzarenstukje: de centrale zit 200 meter onder de grond, in een uitgehouwen grot in een massieve rots naast Lake Manapouri. De centrale kan tot 850MW elektriciteit genereren en het water dat door de turbines loopt wordt afgevoerd naar Doubtful Sound via twee 10km lange tunnels onder de bergen.


De waterkrachtcentrale van Manapouri, althans het kleine bovengrondse gedeelte


Zicht op Doubtful Sound vanuit de bus over Wilmot Pass

Om 14u zitten we al op de cruiseboot. Het is laagseizoen en de boot is maar voor de helft gevuld, niet meer dan 30 personen. Geen drukte en ideaal om te genieten van de rust en de natuur van Doubtful Sound. We varen meteen de hele lengte van de fjord tot aan de Tasmaanse Zee waar er een zeehondenkolonie leeft op enkele rotsen.


Een zeehondenkolonie leeft op dit rotseiland



Er blaast een snoeiharde wind, passend bij de omgeving. Je kan je ogen hier uitkijken op de steile beboste bergwanden en de vele watervallen. Ronduit impressionant! Op de terugweg worden enkele zijarmen van de fjord bezocht. Diep in zo een zijarm wordt de boot stilgelegd en enkele motorboten en kajakken uitgezet. Een uurtje kajakken in de fjord bij valavond. Prachtig!




Voortdurend onder de indruk van de grootsheid en ruwheid van Doubtful Sound

Daarna volgt het avondmaal: een buffet van voorgerechten, hoofdgerechten en desserts! Hier ga ik mijn geld meer dan terugwinnen ;-) 's Avonds is er wel weinig te doen: de meeste mensen trekken zich rond 20u al terug op hun kamer. De meeste mensen op deze cruise zijn koppels van alle leeftijden die vooral op zichzelf zijn. Er zitten zelfs heel wat koppels tussen die er heel droevig uitzien en zelfs tegen elkaar geen woord zeggen. Ik denk dat zich hier enkele scheidingen in spe aan het ontwikkelen zijn. Er zijn dus niet veel mensen om een babbel mee te slaan. Er zijn welgeteld 6 mensen die alleen reizen. Ik deel de kamer met twee van hen, twee Duitse jongens die ook niet al te veel te zeggen hebben. Ik probeer een paar keer een gesprek op gang te brengen dat al snel uitsterft na enkele minuten. Na enkele keren doe ik al geen moeite meer. De drie anderen einzelgangers zijn drie meisjes die meteen samenklikken en er niet echt uitnodigend uitzien. Ik laat het socializen dan maar voor wat het is. Nog liever rustig op mezelf van de omgeving genieten dan geforceerde gesprekken blijven voeren.


De kajuit die ik met de Duitsers deel


Hijs de zeilen!

Ik slaap verrassend goed op de boot. De volgende ochtend wel vroeg uit de veren want om half zeven worden de motors opgestart, een speciale wekker. Een stevig ontbijtbuffet (opnieuw mijn geld er proberen uithalen) en dan genieten van het eerste zonlicht in de fjord. En we worden ook beloond voor het vroege opstaan door enkele speelse dolfijnen in onze buurt die zich wagen aan een paar sprongen. Op zo een ochtenden vind ik het niet erg om nog eens vroeg op te staan.


Ochtendzicht in Doubtful Sound

We bezoeken nog een tweetal zijarmen van de fjord en in één ervan worden alle motoren stilgelegd en opgeroepen tot algehele stilte van alle passagiers. Kippevel van de doodse stilte! Het enige dat je hoort is een waterval en enkele vogels. En dan de adembenemende omgeving in je opnemen.


De stilte in een zijarm van de Sound geeft je rillingen

Hierna wordt de tocht terug naar Manapouri aangevat. Tegen 13u ben ik terug op de camping, waar ik de rest van de namiddag doorbreng, want ik heb niet veel zin om mijn zakken nog te beginnen pakken en halsoverkop te fietsen, vooral aangezien het volgende dorpje op 80km ligt en ik dat nooit kan halen in drie uur. Ik kijk dan maar wat tv op mijn laptop, naar een van de vele series die ik van de Brit in Queenstown heb gekopieerd. Ik kan daar eens van genieten, zeker aangezien het gezelschap op deze doodse camping en stil dorp nul is. Ik begin er meer en meer aan te wennen om alleen te zijn. Het zal misschien ook wel nodig zijn, want deze tijd van het jaar is het aantal toeristen in Nieuw-Zeeland sterk teruggelopen, zeker in het koudere zuiden. Ondanks de gewenning aan het alleen zijn mis ik toch af en toe een reispartner, iemand om alles mee te delen en de reis nog intenser te maken...



Ik sluit graag af met mooie nummers die vaak enkel in de titel verwijzen naar het onderwerp van het bericht, maar de inhoud kan iets totaal anders betekenen, of ik vind het gewoon een prachtig nummer, zo ook nu weer:

Bicycle Diaries Day 65: Athol - Manapouri

Een dikke 90km, maar geen al te moeilijk parcours, tenminste op papier en onder de juiste omstandigheden. De eerste 35km is dat ook het geval en vlieg ik over de weg. Maar dan kom ik in een open vallei en draait de baan in westelijke richting en meteen is het een andere situatie: een sterke wind op kop. Meteen verlies ik alle snelheid en het is beuken tegen een heel krachtige wind.Het ergerlijke is dat ik weet dat de baan 60km in dezelfde richting blijft lopen en als de wind niet gaat liggen me een heel moeilijke dag te wachten staat.


Deze baan maakte het fietsen hel door de straffe wind


De schapen zijn aandachtige toeschouwers wanneer ze mij voorbij zien spartelen...

De volgende 35km verzwakt de wind geen moment en het is lichtjes bergop. Als ik 2 seconden niet trap sta ik meteen volledig stil. Wat een wind, de sterkste die ik tot nu toe al heb gehad. Moeilijk, maar het gaat. Ik verzwak niet en blijf meer dan twee uur tegen de wind inbeuken. Ik stop zelfs geen moment tijdens die harde 35km. Ik heb kracht te over en geen tijd te verspillen wil ik voor het donker in Manapouri geraken.
En wat ik niet meer verwachtte gebeurt uiteindelijk toch. Nadat ik over een kleine heuvel ben geklommen verzwakt de wind. Meteen wat aangenamer fietsen en ik kan weer een degelijk tempo rijden. De laatste 20km leg ik in minder dan een uur af.



Ik had mijn rustpauze op de vangrail meer dan nodig om weer op krachten te komen met enkele verrukkelijke zelfgesmeerde bokes

Ik had keuze tussen twee slaapplaatsen: Manapauri of Te Anau. Beiden liggen op dezelfde afstand van Athol. Te Anau is een populair stadje dat de uitvalsbasis is voor een bezoek aan Milford Sound. Daar ben ik al geweest en ik wil ook overvolle hostels vermijden, dus er is weinig reden om nog naar Te Anau te gaan. Ik besluit dus om Te Anau te skippen en naar Manapauri te fietsen. Bovendien vertrekken de overnachtcruises in Doubtful Sound vanuit Manapauri en het is $20 goedkoper als je al in Manapauri bent en dus niet vanuit Te Anau moet vertrekken. En de overnachtcruise is nu net wat ik in gedachten heb. Dus, Mapapauri it is!


Het was even schrikken toen ik dit zag, ik dacht dat ik al een paar eilanden te ver was gereden


De Manapouri skyline met zijn kenmerkende watertoren

Manapauri is een klein dorpje waar zelfs geen deftige winkel is, enkel een paar motels en caravanparken. De goedkooptste optie is een hutje op een caravanpark, en het is echt wel een hutje, ik schat 2 bij 3 meter, maar meer heb ik niet nodig om te slapen. Het park wordt opengehouden door een vriendelijke oude dame, ik schat ze 75 jaar, en ze doet daar echt alles alleen. Straf eigenlijk. Ik kan bij haar de overnachtcruise boeken, en ik heb geluk. In mei is er een speciale actie aangezien de dagen korter zijn en er minder toeristen zijn. In plaats van $365 is het nog $235. Een koopje! Geen twijfel dus, morgen ga ik op cruise!


Zonsondergang in Manapouri

De wind speelt me hier soms serieus parten, en dat is de ideale gelegenheid om dit prachtnummer eindelijk uit de kast te halen:

Bicycle Diaries Day 64: Queenstown - Athol

Een kort berichtje over deze rit. Een prachtige rit langs het Wakatipu-meer met veel op en neer maar nooit erg zwaar. Gelukkig, want de benen voelen niet opperbest, heel zwaar en moe. Ik moet eergisteren iets hebben opgelopen in Queenstown, want gisteren voelde ik me ook wat ziek en het zit precies nog in mijn lijf. Ondanks dat vreemde gevoel gaat het fietsen merkwaardig goed, en ik stop pas een eerste keer na bijna 50km. Niet slecht.


De eerste 50km rijd ik langs het Wakatipu-meer met voortdurend mooie zichten



Zicht voor en achter me tijdens een stuk van deze rit

De herfst is al volop aan de gang en de winter komt dichterbij, en dat merk je: om 18u is het al donker en rond vier uur begin ik al wat kou te krijgen op mijn fiets. Ik fiets in de shaduw van de bergen en als de zon achter wolken verdwijnt wordt het snel koud. Enkel als je in de zon fietst is het nog goed doenbaar van temperatuur. Daarom beslis ik ook om half vijf om te stoppen met fietsen en niet de extra 20km tot het volgende dorp te rijden, want dan zou ik toch wat extra kledij moeten aandoen. Ik zie mijn adem zelfs al.



Nog een paar sfeerbeeldjes...

In Athol is er wel niet veel accomodatie, de enige camping/backpackers is gesloten omdat het buiten seizoen is. Ik bel toch maar aan, en ze geven me toch een bed. Ik heb de hele backpackers voor mij alleen, en dat voor maar 10 dollar (vijf euries dat we zeggen). Mooie deal! :-)

Het wordt de laatste dagen steeds sneller donker en kouder. Donkere dagen komen eraan... En dat zeg ik nog eens met een Nieuw-Zeelandse artiest, mooi nummer en zo verspreid ik ook wat goeie muziek van onbekendere Nieuw-Zeelandse artiesten in Belgie:

zaterdag 15 mei 2010

Penny

De Duitse gast die ook in de backpacker verblijft in Queenstown met de Ieren en mij, heet Benny. Die Ierse gasten hadden hem niet goed verstaan en denken dat hij Penny heet en spreken hem dan ook zo aan. Het is een vreemde kerel. Hij zit al twee weken in het hostel en heeft geen geld meer. Hij zoekt naar werk in Queenstown, maar het is gene vetten op dit moment, en hij zoekt ondertussen zelfs niet meer.

De tweede dag zegt hij ons dat hij eigenlijk illegaal in het hostel verblijft. Twee weken geleden werkte hij in het hostel voor gratis accommodatie, maar na een week is dat stopgezet omdat er geen andere gasten meer waren. Dan is hij zogezegd vertrokken maar hij is langs de achterdeur opnieuw het hostel binnengegaan, en zo leefde hij daar nu al een week zonder dat de eigenaars dat weten.
Hoe is dat mogelijk? Het hostel hoort bij een motel. Het motel ligt vlak naast de straat, waar ook de receptie is. Het hostel ligt daarachter, hoger op de heuvel en je moet er met een trap naartoe. Er komt bijna nooit iemand van de receptie kijken in het hostel, enkel een kuisvrouw komt om de twee dagen een beetje kuisen. Vanuit de receptie kan je ook niet zien wat er gebeurt in het hostel. Penny sloop binnen langs de achterdeur en gebruikt nooit de voordeur tussen 8 en 20u, de openingsuren van de receptie. Als hij dat vertelt liggen we allemaal in een deuk.

Penny vertelt ook dat hij daarvoor al eens enkele nachten op straat heeft doorgebracht. Zijn rugzak liet hij achter bij een vriend in een hostel en hij sliep dan op een bank ergens in de stad. En mijn laatste avond in Queenstown ziet het ernaar uit dat hij de nacht nog eens op straat zal mogen doorbrengen: hij is gesnapt door de eigenaars van het hostel en moet meteen vertrekken. En het is koud buiten, ze verwachten temperaturen rond het vriespunt! Eerst wordt er eens goed om gelachen, maar wanneer Penny dan daadwerkelijk de nacht ingaat met zijn rugzak, slaat dat om in bezorgdheid bij de Ieren en mij. Ik zit in met onze Duitse vriend, die vreemd genoeg Engels spreekt met een sterk Brits accent. Hopelijk haalt hij het...

“That's what it's all about, the people you meet along the way, and you meet some strange people”, zei Jason, en ik ben het er volledig mee eens. Maar Penny slaat toch alles, en hij is nog maar 18. Hij zou beter naar huis terugkeren als hij echt geen geld meer heeft. Benieuwd waar hij vannacht gaat slapen, wellicht daar waar hij zijn hoed aflegt, want...

Bicycle Diaries Day 55-63: Queenstown is flooding, rafting and jetboat

Vandaag keer ik terug naar Queenstown. Het regent pijpestelen, en het zijn stelen van dikke pijpen. Ik zit nog altijd in de Kinloch Lodge, maar een dienstmeisje moet naar Glenorchy en geeft me een lift. Mijn bagage en fiets zijn al meer dan een week opgeslagen in het hostel in Glenorchy. Ik was van plan ddie gewoon op te pikken en meteen naar Queenstown te fietsen, maar het weer slaat serieus tegen: de regen wordt erger met de minuut en heeft zich al ontwikkeld tot een heus onweer. Hier fiets ik niet door, want het ziet er niet naar uit dat het gaat verbeteren. Ik reserveer dan maar een plaatsje op de bus naar Queenstown voor mij en mijn fiets. Voila, zo gaat dat ook, en bovendien heb ik die baan in het heengaan als eens gefietst, ik zie geen reden om ze nog een tweede keer te fietsen en er een verkoudheid of iets dergelijks aan over te houden.

Terug in Queenstown, en ik kies voor een andere backpackers dan vorige keer, eens zien wat er nog allemaal is, en zo schitterend was de vorige ook niet. Ik zit nu aan de andere kant van Queenstown, net naast het meer. Een verblijf van een drietal dagen zal volstaan om toch nog twee activiteiten te doen, denk ik op dat moment nog. Wist ik veel hoe deze week zou uitdraaien...



Zichten over het reusachtige Wakatipu meer vanuit Queenstown

Zicht vanuit hostel

In het hostel zit nog één andere gast: een Duitse jongen waarvan ik eerst dacht dat het een Brit was omdat hij met een enorm Engels accent spreekt. Het is een vreemde kerel en hij zit alleen op een kamer met zes bedden en ik alleen op één met acht bedden. Dat begrijp ik al niet goed, als ze maar twee gasten hebben waarom steken ze ons dan niet op dezelfde kamer? Hier zit iets meer achter... Dit zijverhaal wordt verduidelijkt in het volgende blogbericht, een cliffhanger als het ware :-)

Sinds ik deze ochtend uit Glenorchy vertrok is het nog niet gestopt met regenen, een echte regendag. Wanneer ik de volgende ochtend opsta regent het nog steeds, het heeft de hele nacht doorgeregend. En het is geen motregen, maar redelijk zware. Aie, dat belooft, bij deze condities stijgt het waterniveau in de rivieren snel en vaart de jetboot niet uit, een activiteit die bovenaan mijn lijst stond. Riviersurfen en raften zijn ook niet aangenaam of worden gecancelled. De luge (met een slee op wielen op een steil parcours racen) bovenaan Queenstown Hill is sinds vandaag voor een maand gesloten voor onderhoudswerken. De kabelbaan naar Queenstown Hill nemen heeft ook geen zin want alles zit potdicht en er is dus totaal geen uitzicht. De enige activiteit die zeker doorgaat is bungee jumpen, meteen ook het enige dat ik nu echt niet van plan was om te doen. Afwachten dus, en ik boek alvast een extra nacht, dan kan ik misschien toch nog iets doen. Ondertussen beperkt mijn leven zich tot het smullen van lekkere ijsjes in 'Patagonia', wat ronddwalen in Queenstown, iets gaan drinken met mijn Tsjechische vriend Jaan en binnen blijven in het hostel en wat DVD's kijken of aan de blog werken.


Een beeldje vanuit het centrum van Queenstown, met de majestueuze 'Remarkables'-bergen op de achtergrond


De gekende steile straten van Nieuw-Zeeland vind je ook in Queenstown

Dinsdag komen er onverwachts enkele nieuwe gasten: twee Ieren, Neil en Jason, en een Brit, Lucas. Ze liggen op mijn kamer en komenme meteen groeten. Aangezien we met zo weinig zijn heb ik onmiddellijk een goed contact met ze en het zijn goeie kerels. Ik word meteen omgedoopt tot 'Arnie' en 's avonds trotseren we samen de regen om het nachtleven van Queenstown eens te verkennen. We doen eerst mee aan de wekelijkse quiz in 'Dux Deluxe' en eindigen kansloos op de achtste plaats. Teveel vragen over Nieuw-Zeeland en Australië, dus geen geldprijs voor ons. Dan maar enkele andere cafeetjes en danscafés verkennen. Het is niet slecht, maar voor de partytown van Nieuw-Zeeland te zijn waar iedereen zo over spreekt vind ik het toch serieus overroepen. Dan is Blankenberge ook 'de partytown' van België (ook al is dat een keer per jaar wel zo :-) ). In een van die bars kan je 'teapots' bestellen. Geen thee, maar een mix van korte dranken tegen een eigenlijk heel redelijke prijs. Jason en ik wagen ons aan eentje, best wel lekker. Ik merk dat mijn drie nieuwe vrienden al wat dronken beginnen worden, wat ik vreemd vind want ik voel me nog heel goed. Even later gaan we naar huis, ze zitten er door. We hebben ons samen goed geamuseerd, maar het nachtleven van Queenstown heeft me niet echt overdonderd.


Met de Ieren Neil en Jason boodschappen doen


Niet iedereen doet graag boodschappen...


De volgende dag regent het alweer, het is alsof het al meer dan drie dagen constant regent, dat kan niet goed zijn. Enkele van mijn kamergenoten hebben een beetje 'gaten' in hun geheugen, voor Britten en Ieren te zijn kunnen ze toch niet zo goed tegen de drank. Ik heb de lege gaten in hun verhalen dan maar aangevuld :-). Ondertussen is het water in het meer tot kritieke hoogte gestegen, en in de rivieren is het nog erger, er zijn er al enkele overstroomd. De verbindingswegen tussen Queenstown en Te Anau (de volgende stop op mijn agenda) zijn allemaal overstroomd en gesloten tot nader order. Ik kan dus geen kant uit. Veel 'trampers' zijn per helicopter geëvacueerd uit de bergen, voornamelijk van de Routeburn Track en ook de Caples. Ik ben dus net op tijd uit de bergen teruggekeerd, want sinds gisteren zijn die tracks afgesloten en onbegaanbaar door de overstromingen. Maar ik kan nu ook geen kant uit door de overtroomde wegen. Ik beslis dan maar al zeker tot vrijdag te blijven en hoop dat het tegen dan beter is.
Maar het wordt niet beter. Extra regen op donderdag zorgt voor de verwachte overstroming van het meer, en dat ziet er zo uit:







Ook de Japanners genieten van een overstroming


Moet er nog zand zijn

En ik heb er ook een filmpje over gemaakt:


Vele winkels aan de oever hadden de deuren al gesloten, alles weggehaald en zandzakjes geplaatst. Een raar beeld als je daar rondloopt.

Woensdag en donderdag doen zowel ik als de Ieren eigenlijk niks, want er is niks te doen. We kijken DVD's, lullen wat en ik werk aan de blog terwijl zij op internet een jobke zoeken in Queenstown, want ze willen hier eigenlijk enkele maanden werken tijdens het skiseizoen. Ze spreken ook al over 'the four of us' alsof ik erbij hoor en ook een jobke ga zoeken. Neil probeert me zelfs een paar keer te overtuigen om niet weg te gaan :-) Grappige gasten, want eigenlijk zeg ik niet zoveel, ik zit daar gewoon wat en ga met hun mee, maar ik ben eigenlijk meer de stille die af en toe een grapje maakt (of wat had je gedacht :-) ), en blijkbaar appreciëren ze dat, het zijn zelf ook geen opvallers en ze zijn ook meer van mijn leeftijd.



Queenstown beelden

Donderagavond gaan we nog ons uit, maar Jason gaat niet mee en Lucas krijgt al snel een klop van de hamer en is plots verdwenen. Neil en ik trekken dan maar met ons tweeën door Queenstown. 'Monty's Bar' was een pub naar mijn hart: gemoedelijk sfeer, live muziek en betaalbaar en lekker bier. De andere gehypte plaatsen zijn wel okay, maar weinig sfeer en vaak rotslechte DJ's. Ze doen me weinig en lopen bovendien vol hyperkinetische hippe kids. Ik zou ze soms eens graag in hun gezicht uitlachen als ze supercool voorbijstappen, maja, who cares. De Monty's, daar ist goed!

Vrijdag vertrek ik nog altijd niet: baan nog altijd afgesloten en ik wil nu toch nog iets doen in Queenstown. Nog steeds geen raften of jetboot mogelijk, maar de wolken trekken met momenten open, dus ik neem de kabelbaan naar Queenstown Hill om deze foto's te trekken:




Close-up van de stoomboot



Joepie, op de kabelbaan!


Op de top van Queenstownhill kan je ook bungee jumpen, iets minder joepie voor mij

Zaterdag is het water in de rivieren eindelijk onder het kritieke punt gezakt. Het is net onder het toelaatbare maximum gezakt voor rafting. Door de hoge waterstand is de rivier wel een moeilijkheidsgraad gestegen: van een 3-5 tot een 4-5. Graad 5 is de hoogste graagd: een wilde en gevaarlijke rivier. Graad 6 wordt normaal niet meer geraft wegens te gevaarlijk, hoewel de echte zotten daar natuurlijk net voor gaan. Maar er wacht ons dus een avontuurlijke rivier vandaag, want Neil, Jason en ik hebben ons ingeschreven. Kijk mee naar de raftingtrip op de Shotover River bij een hoge waterstand:


Wat een avontuur. Er was wel even paniek toen op de laatste 'rapid', eentje van graad 5, een boot omsloeg. Wij waren de enige boot die niet was vastgelopen of omsloeg en hebben vier mensen uit het wilde water moeten vissen. Spectaculair! We hebben er serieus van genoten, adrenalinestoten bij elke stroomversnelling: op en neer, bijna omslaan, grote golf water over de boot en ben er zelf bijna een keer uitgevallen toen de boot aan mijn kant onder water werd gezogen. Ik moest me met al mijn kracht vasthouden en weer rechttrekken. Het was op het nippertje :-)

En zondag meer van dat: de jetboot. Als je je afvraagt wat dat is, ga dan naar deze site: http://www.shotoverjet.com en kijk naar het promofilmpje.

Anne-marie, Jason, ik en Lucas klaar voor de Shotover Jet

Na de jetboat gaan we 's namiddags in de sports bar een 'manhandle' drinken, dat is een 'pintje' van een liter in een groot glas met een handvat. Op die manier is het goedkoper. De mannen willen het boksen zien, blijkbaar een belangrijke kamp bij de lichtgewichten. De ene was een zekere Mayweather, de andere weet ik al niet meer. Ik vond het een saaie kamp, maar hey, we hebben toch een pintje kunnen drinken :-) 's Avonds alweer een luie avond in de zetel, want ik wil niet uitgaan, morgen wil ik eindelijk weer fietsen!

Maandag wil ik dan eindelijk vertrekken mijn fiets, want heb ondertussen al twee weken niet meer gefietst door die trektochten en overstromingen. Maar 's ochtends voel ik me niet zo goed: spierpijnen en mijn hele lijf voelt vermoeid aan. Precies toch niet al te goed. Ik vertrek best niet, en rust de hele dag, slaap zelfs overdag. Vreemd, moet toch ietske opgelopen hebben, mijn hoofd voelt ook warm aan, maar echt doodziek voel ik me niet. Een dagje rusten en slapen en morgen zal het wel beter zijn! Op die ene dag zal het nu al niet meer steken...

De muzikale afsluiter is een pareltje, onlangs herontdekt dankzij mijn muzikale evenknie en partner in crime, waarvoor veel dank...