Travelling around the world in the southern hemisphere: 10 countries in 365 days! Don't call it a "round the world trip", but an "experience of a lifetime"
Otago is een district in Nieuw-Zeeland. Eind 19e eeuw werd hier goud ontdekt, waarbij de onvermijdbare 'gold rush' hoorde. Zo kwam de Otago Central Railway tot stand waarrond verschillende kleine dorpjes uit de grond schoten. Bij het einde van de gold rush liepen vele van deze dorpen leeg, maar ze zijn er nog steeds zij het met een heel beperkte populatie. Twintig jaar geleden werd de spoorlijn door het gebergte van Otago opgedoekt en sinds enkele jaren is het een 150km langer fietspad dat elk jaar aan populariteit wint, althans in de zomermaanden. Deze tijd van het jaar is het koud in Otago en ideaal om te genieten van de rust van deze streek. Er is geen overrompeling van in de wegrijdende, zwalpende en irritant trage fietsgroepjes. Je kan je eigen tempo rijden en de kalmte van de bergen absorberen. Aangezien het een oude treinroute is, is het traject nooit steil: de eerste 70km loopt het licht bergop, tot het hoogste punt op 618m waarna het de laatste 80km licht bergaf loopt. De Rail Trail loopt door de hoogvlakte van Maniototo, rond de centrale bergen. Op de kaart ziet deze route er dan ook uit als een perfecte boog rond de bergen.
Na de zware klimdag kijk ik er naar uit om een dag te fietsen zonder steile hellingen, maar een constant tempo te kunnen rijden. Supersimpel is het evenwel niet, want in Nieuw-Zeeland schijnen ze te denken dat gravel de ideale fietsondergrond, en liefst gravel met grote stenen tussen. Het is dus wel opletten waar je rijdt. Ik rijd vandaag in één ruk van Hyde naar Alexandra, goed voor 117km. Niet te onderschatten dus, aangezien het tempo de eerste 50km aan de lage kant ligt door het kleine stijgingspercentage. Maar de omgeving is wonderbaarlijk, des te meer met het kleurenpalet van de herfst! Het verhaal in foto's verteld:
Het heerlijk ouderwetse Hyde Hotel waar ik de nacht doorbracht en begin aan de Otago Rail Trail. De Far West sfeer is voelbaar in dit goudzoekersgebied
De grindweg loopt soms dwars door kleine heuvels, uitgehouwen voor de spoorlijn
Het eerste stuk van de Rail Trail rijd ik hoog boven deze prachtige glooiende valleien...
... en langs enkele gorges
Regelmatig moet je over oude spoorbruggen fietsen, en soms hebben ze de rails nog laten liggen
Ook donkere spoorwegtunnels horen tot het arsenaal attracties op dit fietspad, het maakt de fietsdag nog aangenamer
Het station van Ranfurly, het grootste dorp langs de trail. Nu is het omgetoverd tot informatiecentrum, maar wel in originele staat hersteld
Ik rijd door het oude Wedderburn station, ik ben nu heel dicht bij het hoogste punt van de trail (618m)
De 'General Store' van Oturehua, nog steeds in de originele staat van toen en de oudste winkel in Nieuw-Zeeland, althans volgens mijn bronnen...
Actionpic, het Wanzeels Wielerwonder in actie op de fietstocht van 117km. Otago maakt kennis met de Wanzeelse sponsors
Station van Omakau
Zicht van de omgeving halverwege de trail tijdens de langzame en lange afdaling naar Alexandra
De doortocht door de Poolburn Gorge is een van de spectaculairste stukken
Je moet door twee lange tunnels om de Poolburn Gorge te passeren...
...en een prachtige hoge spoorwegbrug
Op weg naar Alexandra, de avond begint te vallen en geeft het geheel nog meer sfeer, ik voel me als een cowboy op zijn paard
De herfst is de geschikte periode om de Rail Trail te fietsen: weinig mensen en schitterend kleurenpalet
Central Otago is een goudzoekersgebied en dat druipt ervan af: zichten en gebouwen waardoor je je in een Far West-film waant! Het goudzoeken gebeurde op verschillende manieren, want het goud met een zeefje uit rivieren ziften bleek al snel niet productief en uitgeput. Er werd ook veel opgegegraven, om goud uit de donkere grond te halen. Dit brengt me naadloos bij het volgende nummer dat ik zo graag op mijn blog wou zetten, een pareltje uit mijn tienerjaren, en het blijft goed:
Backtracking, het is nooit leuk om te doen, maar als ik terug het binnenland in wil, heb ik weinig keuze. De bergen hebben veel meer te bieden dan de vlakke oostkust van het Zuidereiland. Daarom mag ik de dag starten met 30km zuidwaarts te rijden, dezelfde weg langs dewelke ik gisteren ben gekomen. En het gaat bijlange niet zo vlot als gisteren, ik rijd een stuk langzamer. Ligt het aan de wind, of aan mij? De waarheid ligt zoals altijd ergens in het midden, maar het vervolg van de dag zal aanwijzen dat ze toch meer naar een kant leunt, zijnde de conditie.
Het opzet van de dag is om naar de Otago Central Rail Trail te rijden, een 150km lange fietsroute door het centrale berglandschap van Otago die een oude treinroute volgt. De route start eigenlijk een 50km ten westen van Dunedin, maar ik heb geen zin om helemaal terug naar Dunedin te rijden om daar de trein te nemen naar de start van de Rail Trail. Ik heb een binnenweg gevonden vanuit Moeraki, een binnenweg over de bergen die de Oostkust van het Otago binnenland scheiden. De weg loopt langs een groot mijngebied, McRae's Flat genaamd en dat is de enige reden waarom er een weg loopt. Ik heb zo goed als geen informatie over die baan, behalve dat ze door kleinere bergen loopt en eindigt in Hyde, de tweede halte op de Rail Trail. Zo mis ik enkel de eerste 25km van de fietsroute en moet ik geen extra dag investeren om terug te keren naar Dunedin.
Het monument op de heuvel bij Palmerston zie je al van ver
De dag begint al slecht: na 10km versmalt de weg bij een brug. Net breed genoeg zodat twee vrachtwagens elkaar kunnen passeren, maar er is geen plaats meer voor een fietser. En dat is nu net wat er staat te gebeuren. Ik fiets op tempo en ben vlak voor de brug. Aan de overkant begint een vrachtwagen ook aan de oversteek en ik hoor een andere vrachtwagen afkomen in mijn rug. Ik voel het gevaar komen dat ze elkaar net gaan kruisen op mijn hoogte en dit op de brug. Ik ben zo goed als op de brug maar hoor de vrachtwagen achter mij niet vertragen. Instinctief smijt ik de remmen toe! Ik sta op nog geen meter van de brug stil wanneer de vrachtwagen me voorbijrijdt, ik denk op niet minder dan een halve meter van mij. Er is geen plaats tussen de vrachtwagen en de brugrail. Als ik was doorgereden had hij me gewoon verpletterd, dat is zeker, want uitwijken kon hij niet. En de vrachtwagen rijdt doodleuk door. Hier kom ik goed weg, a very close call! De vrachtwagenchauffeurs zijn hier vaak heel roekeloos, vertragen staat niet in hun woordenboek. Zo zie je maar, ook al valt het fietsen op de weg hier over het algemeen heel goed mee, ik moet altijd attent blijven, want het is snel gebeurd. Ik moest hierna toch even bekomen, mijn hart stond een versnelling te hoog. Maar vijf minuten later ben ik het al weer vergeten, zo gaat dat 'when you're on the road'.
Ik ga er niet teveel rond zeveren, maar kort en bondig zeggen wat deze dag inhield: afzien, afzien en nog eens afzien. Het is bij uitstek de zwaarste dag tot nu toe. De bergen zijn niet immens hoog, maar het is geen seconde vlak, zelfs niet op het kwa naam misleidende McRae's Flat. Daar komt nog bij dat de hellingen bijna nooit lopend zijn, maar altijd vrij steil, waardoor het onmogelijk is enig constant ritme in het fietsen te houden. De eerste helling is enorm steil en lijkt eindeloos en daarna volgen de afdalingen en klimmen elkaar op. Ik heb geen idee hoeveel hoogtemeters ik in totaal heb overwonnen die dag, want ik was meer bezig met overleven. Telkens ik een nieuwe helling zag opdoemen vanop de top van de voorgaande, zakte de moed steeds dieper in mijn schoenen. Dit zware parcours liep zo 45km lang door en in combinatie de wisselvallige conditie was dit echt een dag in de hel. Ik denk op een bepaald moment dat ik er nooit ga geraken. De laatste 5km, bij het vallen van de avond, moet ik nog heel lichtjes bergop rijden om Hyde binnen te rijden. Vijf tergend trage kilometers. Wat een opluchting als ik eindelijk het bordje Hyde passeer. Ik denk dat ik vandaag een vijftal keer van mijn fiets ben gesprongen omdat ik parkeerde op een steile helling.
De mijnen op Mcrae's Flat. Niet teveel foto's getrokken vandaag, daarvoor was het teveel afzien :-)
In Hyde is er enkel een Bed and Breakfast want de backpackers is tijdelijk gesloten tijdens het laagseizoen. Wat duurder dan anders, en het avondmaal is ook niet goedkoop, maar op dit moment kan me dat gestolen worden. Na zo een zware dag kan ik een goede nachtrust en stevige maaltijd wel gebruiken. En ik moet zeggen, het was zijn geld zeker waard. De maaltijd was in buffetvorm met allerlei huisgemaakte gerechten. Een overheerlijke 'all you can eat' en ik denk dat ik hier mijn geld meer dan teruggewonnen heb, met drie keer terugkeren voor het hoofdgerecht en drie keer voor het dessert. Overheerlijk. De andere mensen in de lodge zijn allemaal oudere koppels die vandaag 45km van de Rail Trail hebben afgelegd en ze vonden dat al een serieuze prestatie. Ze zijn tamelijk onder de indruk van mijn eetvermogen, maar hoe zou je zelf zijn na zo een dag. De eigenares van de lodge was redelijk verbaasd dat ik over die baan was gekomen met al die bagage. En ik kan haar verbazing goed begrijpen, want je zou mijn lijf eens moeten voelen. Ik was volledig uitgeput. 'I could eat a horse!'
Hoe kan ik dit bericht beter beëindigen met een bedanking voor de McRae's Road en dan denk ik automatisch aan Tom McRae, een onderschatte singer-songwriter die ik nog eens uit mijn collectie mag bovenhalen op deze manier:
In Invercargill kwam ik goed overeen met vier Ierse gasten. Zij hadden een speciale gewoonte tijdens hun reis: foto's nemen van de plaatsen waar ze komen met legomannetjes. Ze hadden elk hun mannetje, dat ze af en toe updaten met andere kledij en een naam gaven. Ze probeerden hun idee te verspreiden door de andere reizigers met wie ze optrokken ook hiertoe aan te zetten. Zo dus ook mij, en toen we rondliepen in de Nieuw-Zeelandse kruising tussen de Makro en de Wibra, heb ik me ook een legomannetje aangeschaft. Ik had er zelfs een paar atributen bij. Ziehier enkele van mijn foto's tot hiertoe:
At Waipapa Point
At Mount Cook
At Cannibal Bay
Dit is het perfecte nummertje hiervoor met de perfecte band:
De fameuze Moeraki Boulders! Ze staan afgebeeld op menige reisgids, een bekende must-see attractie van Nieuw-Zeeland. Eigenlijk liggen ze niet echt op mijn route terug naar het Noorden, aangezien ze aan de kust liggen en aan de oostelijke kustweg is er voor de rest weinig te zien, het zijn vooral steden. En halverwege bestaat de Oostkust van het Zuidereiland voor het grootste deel uit saaiere vlakten. Goed om snel door te fietsen, maar ik heb andere plannen, want centraal zijn er nog enkele plaatsen waar ik zeker naartoe wil, zoals Mount Cook. Er zijn maar twee opties om Dunedin uit te rijden aan de noordkant, en één ervan is de motorway waarop fietsers niet zijn toegelaten. Zo word ik gedwongen de weg over Mt Cargill te nemen, meer dan 400m hoogteverschil te overwinnen. Met de mindere benen van de laatste dagen heb ik dan ook mijn loden schoenen aangetrokken die ochtend. Hoeveel keer ga ik nu van de fiets moeten springen.
Ik heb het beeld in mijn hoofd dat ik twee zulke heuvels over moet, vraag me niet waarom maar het zit zo in mijn koppeke. Ik begin daarom heel voorzichtig aan de eerste klim om genoeg krachten te sparen voor de tweede. De klim ligt maar net buiten het centrum van Dunedin, het is heel vreemd dat er zo weinig verkeer is en je tussen het groen rijdt.Ik zet een paar leuke deuntjes op en begin aan de lange steile klim. Ik denk niet aan de benen en het bergop rijden, peddel gezapig voort en voor ik het weet ben ik boven, al is dat 45 minuten later. Wauw, de muziek heeft me volledig opgezogen. Boven staat er een bordje “Mt Cargill”. Hoe, wie, wat?! Was dat niet de top van de tweede klim? Ik haal mijn fietsgids boven en inderdaad, er is maar één grote klim aangeduid. Dat is een meevaller, het zwaarste van de dag is al achter de rug en ik heb nog veel reserve. Lachend vlieg ik over de bochtige weg van Mt Cargill naar beneden, is dit het teken dat de conditie aan de beterhand is? Hopelijk, want er komen nog heel wat zware klimdagen aan.
Het mistige zicht vanop Mount Cargill
Verderop mag ik de snelweg weer op, maar neem meteen een zijweg langs de kust waarvan ik verkeerdelijk dacht dat hij vlak was. Tarara, steil op en neer, maar wel aangenamer dan op snelweg rijden en dat is toch ook al iets. Maar eens op de snelweg blijf ik er wel op, want de krachten zijn toch wat aan het wegzakken. Een lange fietsdag vandaag met alweer bijna 100km en ik ben op het nippertje in Moeraki, de schemering treedt al in. Ik moet misschien toch wat vroeger vertrekken 's morgens, nu de dagen korter worden :-) Het laatste uur van de rit waren vlakker en heb ik nog even de tempobeul uitgehangen. Redelijk zware rit, maar ik denk dat ik ze goed verteer, voorlopig toch...
Een van de vele mooie kustzichten onderweg
Deze kleine haven geeft een eigenaardig zicht, want lijkt droog te liggen bij laagtij. Een spookhaven
Hier ben ik dan aan de Moeraki Boulders. Het zijn merkwaardige stenen in een mooie bolvorm die afkomstig zijn van vulkanische blablabla... Ik weet het zelf al niet meer exact, maar kijk gewoon naar de foto's en als je meer wilt weten zoek je het maar op op wikipedia :-)
De Moeraki Boulders, enkele nog volledig, enkele opengevallen
Na een lekker vettige maaltijd en twee dikke pinten in de pub van het pittoreske Moeraki, leg ik me af in mijn kleine koude hut op de camping. Maar ik ben niet alleen, naast mij staat een klein ventje met een gigantische hamer. Boenk!
Het pittoreske havenstadje Moeraki
Tijdens de fietstocht vandaag langs de kust, denk ik niet teveel aan het fietsen zelf, hetgeen helpt om vlotjes vooruit te gaan in de ruimte en in de tijd. Ik geniet van de muziek en denk ondertussen na over vanalles en nog wat, want tenslotte:
Ik sta op met een mottig hoofd, alles zit nog steeds geblokkeerd. Ademen door de neus gaat helemaal niet, alweer een fietsdag op verminderde kracht dus. Maar ik ga er toch weer vol voor. Het is meer dan 90km naar Dunedin, maar ik heb maar halve info over het parcours aangezien ik een zijweg langs de kust neem om het drukke verkeer op de snelweg naar Dunedin te vermijden en aangenamer te fietsen.
Een vreemd bord in een klein dorpje op weg naar Dunedin, ik hoop dat ik hier niet ziek word
Om de zijweg te nemen moet ik na 40km van de snelweg en richting kust rijden. Ik moet blijkbaar een heuvel over. Maar deze heuvel valt serieus tegen, en de beklimming mag gerust onder berg gecatalogeerd worden. Vanaf de eerste meters loopt het steil omhoog, en telkens wanneer je denkt dat je boven bent, zie je de weg weer omhoog lopen. Door de dichte mist is het heel moeilijk in te schatten. Als ik na meer dan een half uur afzien met af en toe afstappen om op adem te komen eindelijk een stuk bergaf krijg voorgeschoteld, denk ik dat ik er ben. Maar de afdaling duurt niet lang, of ik krijg alweer een lange steile beklimming onder mijn neus geschoven. Wat voor een verdomde baan is dit, en hoe is mijn conditie toch serieus achteruit gelopen de laatste week door die verkoudheid. Het is puffen en vloeken, op en af de fiets springen, en vooral hard op de tanden bijten, maar na meer dan een uur ben ik eindelijk over die lastige heuvels! Afdalen kan ik wel nog steeds op volle snelheid, daarvoor moet ik niet gezond zijn :-)
Eindelijk aan de kust, goed om op adem te komen en tempo te rijden op een vlakkere weg die de hele tijd vlak naast de kust loopt. Aangenaam. Tot je dicht bij Dunedin komt. Ik moet in St-Clair zijn, één van de rijkere suburbs van Dunedin met een prachtig surfstrand. Ik denk logischerwijze dat ik langs de kust zal kunnen blijven rijden tot in St-Clair, maar dat zou iets te simpel zijn. Aan de rand van Dunedin ligt er nog een dikke puist, gekend onder de naam Blackhead. En daar hoort alweer een steile klim bij, eentje die na meer dan 80km de benen serieus pijnigt. Je ziet het al van ver aankomen wat je te wachten staat:
Ik denk dat ik nooit in één keer boven geraak, maar ik verras mezelf al is het niet op elegante wijze. En dan is het enkel nog razendsnel afdalen naar St-Clair! Gelukkig, want ik ben doorweekt door de regen. In Dunedin ga ik nog eens couchsurfen, en mijn couchsurfhost heet Mishka en deelt een huis met 4 andere studenten. Ik heb ze zorgvuldig uitgekozen: ze wonen buiten het drukke stadscentrum vlak bij het strand, het zijn allemaal jonge mensen en Mishka is net terug van een reis door Zuid-Amerika van twee maanden. Dat kan enkele nuttige tips opleveren.
Het station van Dunedin mag er best wezen
Een cinema in een oude kerk, dat zouden ze bij ons ook moeten doen
Het huis ligt echt ideaal: achter hun tuin ligt een duin en als je daarover loopt ben je aan het strand. Spijtig van het rotweer en verkoudheid, surfen zal er dus niet in zitten. Het is druk in huis met 5 huurders, maar het is verbazingwekkend proper en georganiseerd: elke avond kookt er iemand en eten ze allemaal samen. Bovendien worden er elke week taken verdeeld waar iedereen zich wonderwel aan houdt. Bovendien zijn het vijf vriendelijke en down-to-earth mensen, hier zou ik zelf nog graag wonen :-) Mishka verwacht nog een vriend die voor twee nachten blijft slapen, een zekere Lindsay. Je zou denken dat het een meisje is, maar ze zegt wel 'he', dus ik ben wat in de war. Ik zal er maar niks over vragen dat ik geen 'he-she' fout maak en zal het wel zien als hij/zij aankomt.
Terwijl haar flatgenoten studeren of eten maken, houdt Mishka zich met mij bezig. In het begin is dat wat onwennig, logisch, want je kent elkaar van haar noch pluimen. Er worden wat reisverhalen uitgewisseld en ik krijg wat aanbevelingen van Zuid-Amerikaanse locaties. Dit is veel leuker dan een reisgids lezen, gewoon informatie winnen van 'fellow travellers'. Ondertussen kijken we ook naar 'The Dark Knight', nog steeds een knaller van een film met een sublieme Heath Ledger. En wanneer even later Lindsay toekomt, is het mysterie opgelost: het is een jongen! Het klikt meteen met Lindsay, mijn kamergenoot met wie ik de leefkamer deel. Nadat iedereen rond 22u al naar bed gaat na een blijkbaar zwaar feestweekend, zitten Lindsay en ik nog enkele uren op om muziek uit te wisselen met onze ipods. Mijn bibliotheek met Nieuw-Zeelandse muziek krijgt op deze manier een serieuze boost! En Lindsay is ook heel blij, hij maakt zijn ipod nano volledig leeg om zoveel mogelijk muziek van mij te kopiëren. Hopelijk heeft hij daar geen spijt tijdens de acht uur lange terugrit naar Nelson.
Ook al is Lindsay een geboren en getogen Nieuw-Zeelander, hij was nog nooit in Dunedin geweest en het aanpalende Otago Peninsula (schiereiland) bekend voor zijn mooie en zeer heuvelachtige natuur met bijhorende wildlife, meerbepaald albatrossen, zeeleeuwen, pinguïns en tal van vogels. Daarom was Mishka van plan om de volgende dag met Lindsay naar het Otago schiereiland te rijden en ik kan mee. Leuk en eens we op de baan zijn ook een beetje een opluchting, want dit zou de hel zijn om met de fiets te doen. We bezoeken een afgelegen strand, Sandfly Bay, waarop we enkele zeeleeuwen tegenkomen. Daarna rijden we nog wat rond op het schiereiland tot aan de uiterste tip waar een albatroskolonie is, die we evenwel niet bezoeken wegens véél te duur! Enkele beelden:
Sandfly Bay
Lindsay and Mishka at the Sandfly Bay beach
Een luie zeehond op het strand
Uitlopende duin op Sandfly Bay
Mishka in de duinen van Sandfly Bay
Lindsay surprised
Ik was er ook bij op Sandfly Bay
In de namiddag heeft Mishka een labo en Lindsay en ik waren van plan om ondertussen Dunedin te verkennen. Maar net wanneer we willen vertrekken gebeurt er iets vreemd. Mishka en Lindsay zitten al in de auto aan de overkant van de straat terwijl ik nog even naar toilet ga. In die tijd lopen er twee jonge gastjes ongegeneerd de tuin in naar de achterdeur van het huis. Mishka ziet het en loopt er naartoe en vraagt wat ze doen. Ik kom op dat moment net buiten. De gastjes, ik schat ze 11 en 14 jaar oud, zijn duidelijk verrast want dachten dat er niemand was, en de oudste vraagt doodleuk hoe laat het is. Mjaja, dat is doodnormaal, daarvoor loop je al eens rond een huis naar de achterdeur, om het uur te vragen. Verdacht dus. Mishka is er niet gerust in, vooral omdat hun achterdeur niet eens op slot kan. Bij de meeste mensen in de buurt is de achterdeur vaak niet op slot, in Nieuw-Zeeland is dat op vele plaatsen de gewoonte, er valt weinig te vrezen. Ik voel me er zelf ook niet zo goed bij om gewoon te vertrekken, want al mijn gerief ligt zomaar voor het grijpen in de living. We vertrekken toch opdat Mishka niet te laat zou zijn voor haar labo, maar ze belt onderweg wel de politie en die zullen een patrouille sturen. Maar het stelt haar nog niet gerust, en na vijf minuten maken we rechtsomkeer en belt ze om haar labo te verleggen. We wandelen even rond in de buurt en stoten al snel weer op de twee schelmen. Ze hangen rond in het park 100meter van haar huis. Wanneer ze ons zien stappen ze nonchalant weg maar ze beginnen al snel te lopen langs het wandelpad in de duinen dat achter hun huis loopt. Ze lijken te zijn verdwenen. We keren terug naar huis om een thee te drinken, en net wanneer Mishka zegt dat we ze vandaag niet meer zullen zien nadat ze zijn weggelopen, kijk ik op naar de tuin en zie ik die twee ventjes in de duinen rondsluipen. Nondedju. Ze loeren naar het huis van één van de buren en sluipen naar hun tuin. Ze zien niet dat we ze vanuit onze keuken in de gaten hebben en Lindsay en ik beslissen erachter te gaan. We gaan de duinen in en willen ze op heterdaad betrappen. Ze zijn al aan de achterdeur van het huis, maar dan ziet een andere buur ze ook en hij komt buiten en roept iets waardoor de jongens wegvluchten. Merde! En er is zelfs iemand thuis in het huis dat ze wilden binnendringen, want door al het kabaal komt er een vrouw buiten. Lindsay en ik komen uit de duinen over het hek van haar tuin. Tegen de tijd dat we haar de situatie hebben uitgelegd zijn die mannekes al lang verdwenen. De politie is ondertussen ook gebeld en tegen de tijd dat ze arriveren en alles is uitgelegd is het al een verloren zaak om ze nog in de buurt te vinden. Er gaat een signalement de ronde en drie politiewagens patrouilleren de hele buurt maar de vogels zijn natuurlijk al gaan vliegen. De hele buurt staat wel op stelten en iedereen die thuis is staat op straat. De jongens zijn waarschijnlijk niet aan hun proefstuk toe, want twee weken tevoren is er enkele huizen verderop ingebroken en enkel gsm's, spelcomputers en andere kleine elektronica is gestolen. Typisch iets wat zo een jonge gastjes zouden stelen. Spijtig dat we ze niet op heterdaad hebben kunnen betrappen. Als we er achteraf over nadenken is er maar één conclusie mogelijk: mijn veelvuldig naar toilet gaan heeft de inbraak voorkomen, want als ik niet op toilet zat waren we al vertrokken en hadden de boefjes vrij spel! Dit alles is dus te danken aan mijn vlot spijsverteringsstelsel!
's Avonds brengen we toch nog een bezoek aan een min of meer toeristische site van Dunedin: Baldwin Street, de steilste straat ter wereld met een hellingsgraad van bijna 19 graden op het steilste stuk: Baldwin Street van bovenaf gezien
Dit krijg je als je wat overdrijft ten opzichte van het origineel
We gaan daarna nog samen boodschappen doen en mijn verblijf in Dunedin wordt afgesloten met een avondlpicnic aan het uiteinde van de rotskust samen met Lindsay, Mishka en een half kierewiete vriendin van haar. Koud, maar gezellig en grappig :-)
Het oudste gebouw in Dunedin doet tegenwoordig dienst als stripclub!
Afsluiten doe ik vandaag met een van vele Kiwi-nummers die ik nu in mijn bezit heb dankzij Mishka en Lindsay. Ik kies er een oudje uit, in typisch 80's style: